Uitrafeling, of hoe van textielafval een nieuwe grondstof wordt gemaakt

14 september 2018

De voornaamste drie methodes om textiel mechanisch te recycleren zijn vermaling, compounding en uitrafeling, maar alleen deze laatste levert een vezel op die mogelijk opnieuw tot draad gesponnen kan worden.

Dsc06473

Hierbij wordt gebruikt textiel, kleding, tapijten of andere materialen verwerkt tot grondstof voor een nieuwe gebruikscyclus, waarbij het textiel versneden en vervezeld wordt om tot een vezelachtige materie te komen die opnieuw kan versponnen worden.

Sommige van de industriëlen uit de vlassector – zoals Procotex en Derotex in België – zijn de weg van de textielafvalrecyclage ingeslagen en verwerken bijvoorbeeld de zakken van jute of sisal waarin koffie- of cacaobonen worden vervoerd, of kenafvezels. Dat ook tapijten en matten en het afval van de productie van synthetische vezels worden gerecycleerd, heeft te maken met het feit dat in de regio fabrikanten aanwezig zijn die hun afvalberg moeten verkleinen, bijvoorbeeld dankzij de machines van Vanotex en Procotex. 

20171013 101854Procotex Warehouse

Hierbij wordt gebruikt textiel, kleding, tapijten of andere materialen verwerkt tot grondstof voor een nieuwe gebruikscyclus, waarbij het textiel versneden en vervezeld wordt om tot een vezelachtige materie te komen die opnieuw kan versponnen worden.

Sommige van de industriëlen uit de vlassector – zoals Procotex en Derotex in België – zijn de weg van de textielafvalrecyclage ingeslagen en verwerken bijvoorbeeld de zakken van jute of sisal waarin koffie- of cacaobonen worden vervoerd, of kenafvezels. Dat ook tapijten en matten en het afval van de productie van synthetische vezels worden gerecycleerd, heeft te maken met het feit dat in de regio fabrikanten aanwezig zijn die hun afvalberg moeten verkleinen, bijvoorbeeld dankzij de machines van Vanotex en Procotex. 

Minot Recyclage Textile P1011240

Bij de voorbereiding van geregenereerde vezels wenden de ondernemingen hun knowhow aan, niet zozeer voor de verscheuringsprocesssen, dan wel voor de zuivering van de vezelmassa en het mengen ervan. Twee opties zijn mogelijk: een pneumatisch systeem, dat de vezels door blazen verspreidt, en mechanisch kaarden.

De zuiveringsprocessen en de kwaliteit van de vezels bepalen voor een groot stuk de kwaliteit van de non-woven of van de gerecycleerde draad. Het non-wovennetwerk mag dan al minder veeleisend zijn, toch is het nog moeilijk denkbaar om draad te spinnen van 100% gerecycleerde vezels van gebruikte kleding. Om de garenfabrikanten ertoe aan te zetten om in hun productie ook gerecycleerde vezels te verwerken, zou je vezels moeten bekomen met mechanische eigenschappen die weinig te lijden hebben gehad van het wassen en van de eerste levenscyclus van de kleding. Hiervoor moeten nog onderzoek en tests worden gerealiseerd, zoals het geval is bij het IFTH, Le Relais en de garenfabrikant UTT, in het kader van het Carefil-project.